De kunst van het falen

Dit blog is voor de verandering een andere blog dan anders. In mijn vorige blog wees ik op mijn nachtkastje. Er lag een stapel interessante boeken op, waaronder het boek van Arjan van Dam, De kunst van het falen. Het boek gaat over fouten maken en ervan leren. Maar vooral over leren. Van leren ga je uiteindelijk meer presteren dan wanneer je je focus legt op de prestatie en bij leren hoort de ervaring van het fouten maken. Dat is in één zin de kern van het boek.

Ik doe het boek te kort door het hierbij te laten. Het leverde voor mij een belangrijke inspiratie op. Na een eerste lezing ben ik aan de slag gegaan om er een samenvatting van te maken. Niet iedereen zal de tijd willen nemen dit hele boek te lezen, daarom mijn poging om het boek in het kort hier weer te geven.

Het motto van het boek is:

“Het allerbelangrijkste is vertrouwen” Michiel Dudok van Heel.

1. Succes of falen

In Nederland zijn er meer mensen die voorkeur geven aan een wereld van solidariteit en regionaliteit dan prestatiedrang en individualisering. Echter, de angst om fouten te maken staat succes in de weg.

In een wereld die steeds meer gaat lijken op een prestatiemaatschappij krijg je meer winners; dit  leidt ook tot meer losers: de focus op succes leidt tot meer depressie en ongenoegen.

Door nadruk op te leggen op presteren wordt het mogen falen onaantrekkelijker.

We constateren dat er ook een tegenbeweging komt op gang komt: een misstap is ook een leermoment.

 2. Het hoe en waarom van succes

Wat verstaan we onder de kunst van het falen: op een zodanige manier met faalervaringen omgaan dat je vertrouwen in eigen kunnen groter wordt en je juist harder gaat werken.

Belangrijk dispuut dat ten grondslag ligt van de kern van het boek is de vraag of intelligentie vast ligt (entiteitstheorie) of zich nog kan ontwikkelen (groeitheorie).

Hierbij aansluitend kunnen we twee tegenpolen benoemen:

Prestatiedoelen (positieve beoordeling van competenties) ßàleerdoelen (vergroten van competenties)

Onderzoek wijst uit dat een oriëntatie op leerdoelen je verder helpt en uiteindelijk meer succes oplevert dan een oriëntatie op prestatiedoelen.

“Als we ergens moeite voor doen en inspanning als een positief teken zien, zijn we vaker leerdoelgericht. Als we daarentegen vooral willen dat iets makkelijk en vanzelf gaat, zijn we meer gericht op het laten zien van prestaties.”

“Iemand die wil leren heeft behoefte aan positieve en negatieve kritiek. Van beide kan hij leren en beide laten hem zien hoe hij zich verder kan ontwikkelen. Wanneer je gericht bent op presteren is alleen positieve kritiek welkom. Negatieve kritiek is bedreigend omdat je bevestigd krijgt dat je iets niet kunt en het geloof aanwakkert dat je het niet kunt leren.

Friedrich Nietsche schreef ooit: ‘Dat wat me niet doodt maakt me sterker”.

En Wittgenstein: “Sla munt uit iedere fout”

 3. Faalangst

‘De mens lijdt het meest van het lijden dat men vreest’.

Onze maatschappij is sterk gericht op prestaties en beoordelingen. Dit maakt de angst om te falen alleen maar sterker. Faalangst komt tot stand als we bang zijn voor een slechte beoordeling en meer nog voor de schaamte die volgt.

Er zijn vijf bronnen voor faalangst:

  • Schaamte
  • Onzekere toekomst
  • Minder eigenwaarde
  • Minder interessant voor anderen
  • Brengt anderen van streek

Bij faalangst richt je je te veel op potentiele bedreigingen in je omgeving.

Victor Frankl: “Don’t aim at success – the more you aim at it and make it a target, the more you are going to miss it.”

4. Leren

Wat is leren: Bedrevenheid en / of kennis verwerven in iets. Het eigen maken van vaardigheden en het vergaren van kennis.

Bij leren horen andere verwachtingen dan bij presteren. Bij leren wil je jezelf verbeteren en verwacht je vooral dat je iets kunt leren van je gedrag en je omgeving. Bij presteren ben je vooral gericht op je omgeving.

De vraag is : kan intelligentie groeien? Theorie van de Rus Vygotski gaat uit van wel. “Intelligentie kan groeien door uitdagende taken aan te gaan”.

 5. Motivatie

Hoe komt het dat iemand met een leerdoelorientatie meer gemotiveerd is en langer gemotiveerd blijft?

Motivatie komt van het Latijnse woord: movere -> bewegen. Wat beweegt ons hoe worden we in beweging gebracht?

Er zijn twee theorieën die in dit verband worden genoemd: de piramide van Maslow en de zelfdeterminatietheorie.

 

 

De piramide van Maslow. Ik veronderstel dat deze theorie op hoofdlijnen wel bekend is. De behoefte van de mens bestaat uit een vijftal dimensies die elkaar van onder naar boven opvolgen.

Van Dam onderscheidt vervolgens intrinsieke en extrinsieke motivatie:

Extrinsiek motivatie betreft omschrijven we als volgt: wat we doen wordt door onze omgeving bepaald. De op één na hoogste behoefte van Maslow is nog altijd extrinsiek bepaald.

Intrinsiek: “inherent tendency to seek out novelty, to explore and to learn” (Edward Deci). De natuurlijke neiging om iets in je op te nemen, meester te worden, een spontane interesse voor nieuwe dingen.

Intrinsieke motivatie verhoudt zich met de leerdoelorientatie.

 

De Zelfdeterminatietheorie gaat uit van drie even belangrijke behoeften: autonomie, competentie en verbondenheid. In je dagelijkse en je werkomgeving moet je iets doen aan al deze drie behoeften!

  • Autonomie: Wanneer we zelf keuzes kunnen maken en kunnen kiezen wat het beste bij ons past is het gevoel van autonomie het grootst. Als het waarom we iets doen duidelijker wordt dan vergroot dat het gevoel van autonomie. “Wie een waarom heeft voor het leven, kan bijna elk hoe verdragen” Friedrich Nietsche.
  • Verbeteren van competenties: Door middel van het geven en krijgen van FEEDBACK.
  • Het vergroten van verbondenheid kan door het versterken van sociale relaties, en het creëren van veiligheid.

Meer gevoel van autonomie, competentie en verbondenheid vergroot de kwaliteit van onze motivatie. Iemand met een leerdoelorientatie is meer gemotiveerd.

Als het maken van fouten niet meer een negatieve betekenis maar zelfs een positieve betekenis heeft gekregen, geeft  dit een enorm gevoel van vrijheid. Als je wilt leren, is er ruimte om te experimenteren en te ontdekken hoe je iets het beste kunt doen.

Als je gericht bent op leren en minder op presteren dan wordt je behoefte aan autonomie, competentie en verbondenheid sterker gevoed.

 6. Vertrouwen in eigen kunnen

Mensen met een hoog vertrouwen in eigen kunnen verhouden zich met mensen met een hoge mate van leerdoelorientatie. Self-efficacy is het geloof dat we in staat zijn iets te bereiken.

Er zijn verschillende  manieren om het zelfvertrouwen te vergroten:

  • Koester je eigen succeservaringen (Bandura noemt dat je ‘ Mastery-experiences’. Het is wel van belang om uitdagende doelen te stellen die SMART zijn; Van belang hierbij is dat je je faalervaringen als leermoment gebruikt. “Tal van mislukkingen zijn het gevolg van het feit dat men zich niet realiseerde hoe dicht men bij het succes was toen men het opgaf” Thomas Edison.
  • Succeservaringen van anderen; de leermeester kan je een hoop leren (Om je hier in te verdiepen beveel ik (JM dus) het boek van Richard Sennet ‘Craftmanship’van harte aan)
  • Sociale aanmoediging (overigens minder belangrijk dan de eerste twee);

 Al eerder in het boek verschenen de twee tegenpolen in beeld: de  entiteitstheorie en groeitheorie:

De Entiteitstheorie geeft aan: capaciteiten liggen vast en als we een fout maken kunnen we iets niet.

Bij de Groeitheorie wordt ervan uitgegaan dat het maken van fouten, het leren iets oplevert.

De Romeinse filosoof Epictetus zei ooit: “Niet de dingen zelf maar de opvattingen over de dingen verontrusten de mensen. Als wij op belemmeringen stoten, of verontrust of bedroefd zijn, dienen we nooit iemand anders aan te klagen, maar onszelf, dat wil zeggen: onze eigen meningen.”

Het vertrouwen in eigen kunnen wordt niet zo zeer bepaald om wat er daadwerkelijk gebeurt maar om de gedachten omtrent het eigen kunnen! De mens lijdt meer …

7. Leerdoel oriëntatie: leerbaar?

Van Dam onderscheidt een vijftal persoonlijkheidsdimensies;

  • Emotionele stabiliteit
  • Extraversie
  • Openheid naar buiten en binnenwereld
  • Vriendelijkheid
  • Consciëntieusheid

Hij is voorzichtig om persoonlijkheid te koppelen aan meer of minder gericht zijn op leerdoel oriëntatie. Hij doet wel en poging.

Vraag hierbij is: worden we prestatiegericht door onze opvoeding of zijn we dit van nature? In algemene zin is dit een samenspel: deels zit het in de genen deels wordt het beïnvloed door je omgeving.

Voorzichtige conclusie die je uit diverse onderzoeken kunt trekken: Ook wanneer je van nature minder gericht bent op leren dan kun je je doel oriëntatie veranderen en meer succes hebben.

8. Leerdoelen in de praktijk

Vragen hierbij:

Wat wil ik bereiken?

Wat wil ik leren?

Hoe ga ik het leren?

Wat ga ik doen

Een leergericht klimaat kun je creëren door meer nadruk te leggen op vooruitgang en inspanning en de daarbij horende fouten als onderdeel van het leerproces te zien.

 9. Paradox van succes

Boodschap van het boek; willen leren is leuker dan gericht zijn op prestaties, en het levert ook nog betere prestaties op. Wanneer je je richt op leren dan mag je fouten maken. Groei is mogelijk en minder gericht zijn op een resultaat biedt ruimte om je meer te richten op een proces.

Belangrijke voorwaarde hierbij: je kunt alleen maar groeien als je jezelf volledig accepteert. Het moet alleen niet een opnieuw een druk worden de druk om te groeien.

“De kunst van het falen is dat je elke faalervaring of tegenslag ziet als een leermoment, hierdoor bied je jezelf de gelegenheid tot ontwikkeling.

 

Nachtkastje

Wat ligt er op dit moment op mijn nachtkastje? Zoals meestal ligt er altijd wel iets van poëzie, iets beschouwends en een roman.

De gedichten van Elizabeth Bishop, een Engels dichter. De film ‘Still Alice’ maakte diepe indruk op me. Het gaat over een buitengewoon succesvolle hoogleraar Alice die al op haar 50ste levensjaar een zeldzame vorm van Alzheimer krijgt. Terwijl ze al stevig aan Alzheimer lijdt houdt ze een speech waarin ze een gedicht van Bishop voorleest: ‘Verliezen is een kunst’. Dit is ook de titel van het boek met de gedichten van Bishop.

Daniel Kahneman: ‘Ons feilbare denken’. Een fascinerend boek van vooraanstaand psycholoog die de nobelprijs voor de economie heeft gewonnen.

Jeroen Brouwers ‘Het Hout’. Een indringend boek over een jongenspensionaat. En je weet dat het op grote schaal is gebeurd wat er wordt beschreven.

Wellicht dat mijn volgende blog gaat over het boek van Kahneman. Het is geen belofte.

Print Friendly

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>